Waarom dit niet altijd wordt herkend
Waarom dit niet altijd wordt herkend
Je kind durft niet te beginnen, stelt taken uit of raakt snel in paniek bij toetsen of nieuwe opdrachten.
Het lijkt alsof je kind bang is om fouten te maken.
Alsof het steeds blokkeert of het liefst vermijdt.
Maar faalangst gaat zelden alleen over ‘bang zijn om te falen’.
Vaak zit er iets onder.
Bijvoorbeeld:
- moeite met het begrijpen van de opdracht
- een vol hoofd
- te veel druk
- of het gevoel het toch niet te kunnen.
Als iets te moeilijk of te onoverzichtelijk voelt, ontstaat spanning.
En die spanning zie je terug als faalangst.
Niet omdat een kind niet wil…
maar omdat het zich niet zeker genoeg voelt.
Op deze pagina ontdek je signalen die kunnen wijzen op wat er écht speelt.




