Piaget en neurodiversiteit - Artikel kennisbank Ina Terra

Wat Piaget niet verklaart (en waar het schuurt bij neurodiversiteit)

Inleiding

De theorie van Jean Piaget heeft veel duidelijk gemaakt over hoe denken zich ontwikkelt. Toch herkennen veel ouders iets anders: hun kind past niet netjes binnen de fasen, of laat op het ene gebied volwassen denken zien en op een ander gebied juist niet.

Dat betekent niet dat Piaget ongelijk had — het betekent dat zijn theorie niet het hele verhaal vertelt.


Voorbeeld

Een kind kan diep nadenken over morele vraagstukken, maar raakt volledig vast bij plannen of toetsen. Of een kind begrijpt complexe systemen, maar struikelt over basisvaardigheden. Volgens Piaget “klopt” dat niet helemaal — volgens de praktijk gebeurt het voortdurend.


Centrale vraag

Wat verklaart Piaget niet, en waarom is dit juist belangrijk bij kinderen die anders denken, leren of voelen?


Hoofdstuk 1 – Piaget beschrijft een gemiddeld ontwikkelingspad

Piaget baseerde zijn theorie op:

  • observaties van gemiddelde ontwikkeling
  • algemene ontwikkelingslijnen
  • een relatief homogeen beeld van kinderen

Neurodiversiteit was in zijn tijd nog nauwelijks in beeld.


Hoofdstuk 2 – Ontwikkeling verloopt niet overal tegelijk

Veel kinderen laten een asynchroon profiel zien:

  • cognitief sterk op één gebied
  • kwetsbaar op een ander
  • emotioneel jonger dan hun denkvermogen

Piagets fasen houden hier weinig rekening mee.


Hoofdstuk 3 – Neurodiversiteit verandert het ontwikkelbeeld

Bij kinderen met bijvoorbeeld:

  • ADHD
  • autisme
  • hoogbegaafdheid
  • hooggevoeligheid
  • beelddenken

loopt ontwikkeling vaak anders dan gemiddeld. Fasen overlappen, verschuiven of ontwikkelen zich ongelijk.


Hoofdstuk 4 – Emotie en prikkelverwerking ontbreken in Piagets model

Piaget richtte zich vooral op:

  • cognitieve structuren
  • logisch denken

Maar:

  • stress
  • prikkelverwerking
  • veiligheid
  • emotionele belasting

hebben enorme invloed op denken en leren — en blijven buiten zijn model.


Hoofdstuk 5 – Denken is contextafhankelijk

In de praktijk zie je dat kinderen:

  • in rust veel meer kunnen
  • onder druk terugvallen
  • in veilige omgevingen verder denken

Piagets theorie beschrijft mogelijkheden, geen garanties.


Hoofdstuk 6 – Wat Piaget ons wél kan leren (met nuance)

Piaget blijft waardevol wanneer je:

  • zijn fasen ziet als richtlijnen
  • niet als harde grenzen
  • combineert met kennis over brein, emotie en prikkels

Dan ontstaat een rijker en menselijker beeld van ontwikkeling.


Tot slot

Piaget gaf ons taal om te begrijpen hoe denken groeit. Neurodiversiteit laat zien hoe veelzijdig en uniek die groei kan zijn. Door beide perspectieven te verbinden, ontstaat ruimte voor onderwijs en opvoeding die werkelijk aansluit bij het kind.


Wil je meer weten over neurodiversiteit? Bekijk dan de artikelen over neurodiversiteit hier.

En ben je op zoek naar meer uitleg rondom de ontwikkelingsfasen? Dan is de mini-cursus Piaget's ontwikkelingsfasen misschien iets voor jou.


Over de auteur
Ina Terra helpt ouders van kinderen bij wie leren niet vanzelf gaat.
Ze vertaalt kennis over ontwikkeling, brein en leren naar heldere uitleg voor thuis — zonder kinderen te forceren of in hokjes te plaatsen.