- Hoofdstuk 1 - Wat zijn executieve functies?
- Hoofdstuk 2 - De rol van taal bij executieve functies
- Hoofdstuk 3 - Werkgeheugen onder druk
- Hoofdstuk 4 - Gedrag wordt soms verkeerd uitgelegd
- Hoofdstuk 5- Wanneer executieve functies wél een rol spelen
- Hoofdstuk 6 - Wat helpt NT2-leerlingen bij executieve functies?

NT2 en executieve functies: plannen, onthouden en begrijpen
Inleiding
Sommige NT2-leerlingen lijken moeite te hebben met plannen, onthouden of starten aan een taak.
Ze vergeten instructies, raken het overzicht kwijt of weten niet waar ze moeten beginnen.
Al snel wordt gedacht aan zwakke executieve functies.
Maar bij NT2-leerlingen ligt de oorzaak vaak niet in het functioneren van deze vaardigheden —
maar in de taalbelasting die erop ligt.
Voorbeeld
De leerkracht geeft een meerstaps-instructie.
Het kind luistert aandachtig, maar halverwege raakt het de draad kwijt.
Niet omdat het niet kan plannen,
maar omdat het werkgeheugen al vol zit met taal verwerken.
Wanneer dezelfde opdracht visueel wordt aangeboden,
blijkt het kind ineens wél overzicht te hebben.
Centrale vraag
Wat zijn executieve functies, en waarom lijken NT2-leerlingen hier soms op vast te lopen terwijl het probleem vaak talig is?
Hoofdstuk 1 - Wat zijn executieve functies?
Executieve functies zijn vaardigheden die helpen om:
- te plannen
- aandacht vast te houden
- informatie te onthouden
- taken te starten en af te ronden
- impulsen te remmen
Ze sturen het leren aan,
maar zijn sterk afhankelijk van begrip en overzicht.
Hoofdstuk 2 - De rol van taal bij executieve functies
Veel executieve functies worden aangesproken via taal:
- mondelinge instructies
- stappen onthouden
- plannen verwoorden
- reflecteren op wat je doet
Voor NT2-leerlingen betekent dit:
- extra belasting van het werkgeheugen
- minder ruimte voor plannen en overzien
- sneller overload
Het lijkt dan alsof executieve functies zwak zijn,
terwijl ze overbelast raken.
Hoofdstuk 3 - Werkgeheugen onder druk
Het werkgeheugen heeft een beperkte capaciteit.
Bij NT2-leerlingen wordt deze capaciteit gebruikt voor:
- taal begrijpen
- vertalen
- betekenis afleiden
Daardoor blijft er minder ruimte over voor:
- onthouden van stappen
- plannen
- organiseren
Dit kan zich uiten in vergeetachtigheid of chaos.
Hoofdstuk 4 - Gedrag wordt soms verkeerd uitgelegd
Wat je dan ziet:
- taken niet afmaken
- moeite met starten
- snel afgeleid lijken
- afhaken bij complexere opdrachten
Dat gedrag wordt soms gezien als:
- zwakke executieve functies
- gebrek aan inzet
- concentratieproblemen
Terwijl het vaak gaat om te veel tegelijk moeten verwerken.
Hoofdstuk 5- Wanneer executieve functies wél een rol spelen
Natuurlijk kunnen NT2-leerlingen óók moeite hebben met executieve functies.
Maar dat kun je pas goed beoordelen wanneer:
- taal wordt ondersteund
- instructies worden vereenvoudigd
- taken visueel worden aangeboden
Blijven de problemen dan bestaan,
dan is verder kijken zinvol.
Hoofdstuk 6 - Wat helpt NT2-leerlingen bij executieve functies?
Wat helpt:
- visuele stappenplannen
- opdrachten opdelen in kleine stappen
- vaste routines
- voordoen in plaats van uitleggen
- checken of de opdracht is begrepen
Zo krijgen executieve functies weer ruimte om te werken.
Tot slot
Bij NT2-leerlingen lijken executieve functies soms zwakker dan ze zijn.
Vaak zijn ze niet zwak, maar overbelast door taal.
Wanneer we taal ondersteunen en overzicht creëren,
zien we dat plannen, onthouden en begrijpen ineens beter lukt.
Over de auteur
Ina Terra helpt ouders van kinderen bij wie leren niet vanzelf gaat.
Ze vertaalt kennis over ontwikkeling, brein en leren naar heldere uitleg voor thuis — zonder kinderen te forceren of in hokjes te plaatsen.
