Hoogbegaafdheid en zingeving - Artikel kennisbank Ina Terra

Hoogbegaafdheid en motivatie – Waarom autonomie, uitdaging en zingeving onmisbaar zijn

Inleiding

Hoogbegaafde kinderen worden vaak gezien als vanzelf gemotiveerd: ze zijn nieuwsgierig, leergierig en vol ideeën. Maar in de praktijk zie je juist vaak het tegenovergestelde: kinderen die weigeren om te werken, snel afhaken, dromerig worden of alleen nog maar doen wat ze zelf interessant vinden.

Dit betekent niet dat ze ongemotiveerd zijn.

Het betekent dat hun basisbehoeften voor motivatie niet vervuld zijn.

Voor hoogbegaafden zijn dat drie dingen:

autonomie, uitdaging en zingeving.

Wanneer één van deze ontbreekt, zakt de motivatie razendsnel weg.


Voorbeeld uit de praktijk

Een jongen van tien weigert zijn taalwerk te doen.

Hij zegt:

"Waarom moet ik dit doen? Wat leer ik hiervan?"

De juf denkt dat hij geen zin heeft.

Maar dezelfde middag werkt hij twee uur geconcentreerd aan het ontwerpen van een raket in een 3D-programma.

Het verschil?

Bij de raket ervaart hij keuzevrijheid, uitdaging en betekenis.

Bij taalwerk ervaart hij verveling, verplichting en herhaling.


Centrale vraag

Waarom werkt motivatie anders bij hoogbegaafde kinderen, en hoe kun je die motivatie versterken thuis en op school?


Hoofdstuk 1 – Autonomie: de eerste voorwaarde voor motivatie

Hoogbegaafde kinderen willen begrijpen, meedenken en invloed ervaren.

Wanneer iets moet “omdat het moet”, ontstaat weerstand.

Autonomie betekent niet dat een kind alles zelf beslist, maar dat het:

  • mag meedenken
  • keuzes krijg
  • invloed ervaar
  • snapt waarom iets moet

Zonder autonomie voelt leren beklemmend.

Met autonomie komt motivatie vanzelf op gang.


Hoofdstuk 2 – Uitdaging: het brein moet iets te kauwen hebben

Hoogbegaafde kinderen leren snel en hebben weinig herhaling nodig.

Wanneer opdrachten te makkelijk of te repetitief zijn, gebeurt er drie dingen:

  1. het brein schakelt uit
  2. de motivatie verdwijnt
  3. het gedrag verandert (verveling, weerstand, dagdromen)

Uitdaging betekent:

  • iets nieuws
  • iets dat moet worden bedacht
  • iets dat complex of open is
  • een situatie waarin het kind echt moet denken

Zonder uitdaging wordt leren een verplichting.

Met uitdaging wordt leren een avontuur.


Hoofdstuk 3 – Zingeving: leren moet ergens over gáán

Hoogbegaafde kinderen willen begrijpen waarom iets relevant is.

Oppervlakkige taken doen hen weinig.

Hun motivatie komt op gang wanneer een taak betekenis heeft.

Zingeving ontstaat bij:

  • echte problemen oplossen
  • onderzoeksvragen
  • maatschappelijke thema’s
  • projecten
  • creatief werk
  • persoonlijke interesses

Zingeving maakt dat leren voelt als leven, niet als een “moetje”.


Hoofdstuk 4 – Wat gebeurt er wanneer één van de drie ontbreekt?

Wanneer autonomie ontbreekt → weerstand, discussie, blokkeren

Wanneer uitdaging ontbreekt → verveling, dromerigheid, onderpresteren

Wanneer zingeving ontbreekt → geen doel, geen motivatie, geen betrokkenheid

Veel motivatieproblemen bij hoogbegaafdheid worden opgelost wanneer deze drie basisbehoeften weer in balans komen.


Hoofdstuk 5 – Hoe ondersteun je motivatie thuis en op school?

Geef keuzes binnen kaders.

“Wil je eerst lezen of eerst rekenen?”

Autonomie + structuur = motivatie.


Zorg voor echte uitdaging.

Compacten, verrijken, open opdrachten, projectmatig leren.


Maak de taak betekenisvol.

Leg uit waarom iets belangrijk is of koppel het aan interesses.


Stimuleer eigen projecten.

Zelf gekozen thema’s leveren enorme motivatie op.


Laat het kind meedenken over oplossingen.

“Wat helpt jou om hiermee te starten?”

Samenwerken is motiveren.


Vermijd straffen bij motivatieproblemen.

Een kind dat blokkeert, heeft geen straf nodig maar aansluiting.


Erken de intensiteit van hun denkproces.

Motivatie groeit wanneer ze zich gezien voelen.


Wanneer hoogbegaafde kinderen autonomie, uitdaging en zingeving ervaren, bloeien ze op — in leren, denken en doen.


Wil je hier dieper in duiken?

In de mini-cursus Hoogbegaafdheid – anders denken, leren en voelen leg ik uit hoe hoogbegaafdheid zich uit in denken, leren en gedrag — en waarom juist deze kinderen kunnen vastlopen.

Bekijk de mini-cursus Hoogbegaafdheid