
Hoe herken je dyslexie bij kinderen? – Signalen thuis en op school
Inleiding
Dyslexie laat zich niet zien in één duidelijk kenmerk. Het is een patroon van signalen dat zichtbaar wordt in lezen, spelling, werktempo en automatisering. Kinderen met dyslexie willen meestal graag leren lezen, maar het proces verloopt opvallend moeizaam en kost veel energie.
De signalen zijn vaak al vroeg zichtbaar, maar worden niet altijd herkend omdat kinderen strategieën gebruiken om zwakke punten te compenseren.
Voorbeeld uit de praktijk
Een meisje van acht leert enthousiast lezen, maar blijft letters wisselen, leest traag en raakt al snel vermoeid. Spelling is lastig: woorden die ze gisteren nog goed had geschreven, zijn vandaag fout. Ze oefent veel, maar de vooruitgang is minimaal. Ze zegt: “Ik snap het wel… maar mijn hoofd doet het niet goed.”
Haar fouten zijn geen gevolg van slordigheid, maar van moeite met klank-tekenkoppeling en automatisering.
Centrale vraag
Welke signalen wijzen op dyslexie, zowel thuis als op school?
Hoofdstuk 1 – Problemen met technisch lezen
Dyslexie begint altijd bij het technisch lezen. Kinderen laten vaak zien:
- traag leestempo
- veel blijven hakken en plakken
- moeite met het herkennen van woorden in één keer
- snel vermoeid raken tijdens lezen
- letters of woorden omdraaien
- stukjes in woorden overslaan of toevoegen
Lezen kost zichtbaar meer inspanning dan bij leeftijdsgenoten.
Hoofdstuk 2 – Hardnekkige spellingproblemen
Spelling is vaak nog moeilijker dan lezen, omdat het kind actief een woord moet opbouwen vanuit klanken. Kenmerken zijn:
- steeds dezelfde fouten maken
- moeite met klank-tekenkoppeling
- auditieve analyse (klanken uit elkaar halen) is lastig
- woorden fonetisch opschrijven (“hont”, “bote”)
- moeite met spellingsregels en uitzonderingen
- veel fouten bij dictees
Ondanks oefenen blijft de vooruitgang traag.
Hoofdstuk 3 – Moeite met automatiseren
Automatiseren betekent dat een vaardigheid vanzelf gaat. Bij dyslexie kost dit proces meer tijd. Je ziet dit in:
- traag opzeggen van letterclusters
- moeite met tafels en reeksen
- trage informatieverwerking
- extra inspanning voor snelle taken
- niet vlot kunnen schakelen tussen opdrachten
Dit kan lijken op concentratieproblemen, maar de oorzaak ligt in taalverwerking.
Hoofdstuk 4 – Signalen buiten het lezen om
Dyslexie zie je ook terug in taken waarbij taal indirect een rol speelt. Bijvoorbeeld:
- moeite met het onthouden van mondelinge instructies
- problemen met werkgeheugen
- langer nodig hebben om opdrachten te begrijpen
- vermijden van taalrijke taken
- weinig zelfvertrouwen bij voorlezen
- frustratie bij lange teksten
Het kind kan verbaal sterk zijn, maar toch moeite hebben met verwerking van geschreven taal.
Hoofdstuk 5 – Vroege signalen bij jonge kinderen
Vaak zie je al vóór groep 3 aanwijzingen, zoals:
- moeite met rijmen
- problemen met klanken herkennen
- moeite met onthouden van liedjes
- kleine woordenschat
- moeite met het leren van letters
- traag herkennen van naam of bekende woorden
Vroege signalen betekenen niet altijd dyslexie, maar zijn wel waardevol om te volgen.
Hoofdstuk 6 – Signalen op school
Leerkrachten zien vaak:
- achterblijvend leesniveau
- moeite met begrijpend lezen door laag tempo
- uitval bij dictees
- grote verschillen tussen mondelinge en schriftelijke prestaties
- spanning of vermijding bij leesactiviteiten
- langzamer tempo bij toetsen
Een kind met dyslexie kan slim zijn, maar presteert schriftelijk onder niveau.
Meer weten?
Loopt lezen of spellen steeds vast, ondanks oefenen?
In de mini-cursus Dyslexie krijg je inzicht in wat dyslexie wél en niet is, hoe het brein van je kind werkt en hoe je thuis kunt ondersteunen zonder strijd.
Praktisch, verhelderend en afgestemd op het tempo van jouw kind.
Over de auteur
Ina Terra helpt ouders van kinderen bij wie leren niet vanzelf gaat.
Ze vertaalt kennis over ontwikkeling, brein en leren naar heldere uitleg voor thuis — zonder kinderen te forceren of in hokjes te plaatsen.
