- Hoofdstuk 1 – Korte, duidelijke en concrete instructie
- Hoofdstuk 2 – Een voorspelbare, prikkelarme werkplek
- Hoofdstuk 3 – Beweging als onderdeel van leren
- Hoofdstuk 4 – Alternatieven voor stilzitten en wachten
- Hoofdstuk 5 – Ondersteuning bij planning en overzicht
- Hoofdstuk 6 – Een warme, duidelijke leerkracht
- Hoofdstuk 7 – Wat niet werkt in de klas

ADHD op school – Wat werkt wel en wat werkt niet?
Inleiding
Voor kinderen met ADHD kan school een uitdagende omgeving zijn. De klas zit vol prikkels, verwachtingen, regels, geluiden en sociale situaties. Veel van wat op school wordt gevraagd — stilzitten, luisteren, plannen, vasthouden van aandacht — raakt precies de functies waar kinderen met ADHD moeite mee hebben.
Toch kunnen zij op school uitstekend functioneren wanneer de omgeving aansluit bij hun brein.
Voorbeeld uit de praktijk
Een meisje van acht doet haar best om op te letten tijdens de instructie. De juf praat rustig, maar het meisje hoort ondertussen schuivende stoelen, fluisterende kinderen en ziet beweging bij het raam. Na vijf minuten mist ze de uitleg en raakt ze achter. Ze zegt: “Ik weet niet meer wat ik moet doen,” terwijl ze het wél wilde volgen.
Haar motivatie ontbreekt niet — de prikkels zijn sterker dan haar aandacht systeem.
Centrale vraag
Wat helpt kinderen met ADHD om op school tot leren te komen, en welk aanpak zorgt juist voor meer stress en druk?
Hoofdstuk 1 – Korte, duidelijke en concrete instructie
Kinderen met ADHD verwerken informatie beter wanneer de instructie:
- kort is
- visueel wordt ondersteund
- in stappen is opgedeeld
- rustig wordt herhaald
Lange uitleg vergroot de kans dat het kind afhaakt. Een duidelijke structuur in de uitleg helpt het brein om informatie vast te houden.
Hoofdstuk 2 – Een voorspelbare, prikkelarme werkplek
Een rustige plek in de klas vermindert afleiding. Dat kan zijn:
- vooraan in de klas
- aan een rustige wand
- een afgeschermde werkplek
- een tafel met minder visuele prikkels
De omgeving is geen “behandeling”, maar een manier om het brein minder te belasten.
Hoofdstuk 3 – Beweging als onderdeel van leren
ADHD betekent dat het lichaam en brein beweging nodig hebben. Beweging helpt om aandacht vast te houden en prikkels te reguleren.
Wat helpt:
- korte beweegmomenten
- taakjes waarbij het kind even mag lopen
- actief leren (lopen, doen, voelen)
- ritme: bijvoorbeeld tikken, stappen of tellen
Beweging is geen storing — het is een hulpmiddel.
Hoofdstuk 4 – Alternatieven voor stilzitten en wachten
Stilzitten kost bij ADHD veel energie. Alternatieven kunnen helpen, zoals:
- wiebelkussen
- stressbal
- elastiek om stoelpoten
- sta-bureau of hoge tafel
- kortere wachttijden
Het doel is niet “gedrag corrigeren”, maar het kind ondersteunen om te kunnen leren.
Hoofdstuk 5 – Ondersteuning bij planning en overzicht
Kinderen met ADHD hebben baat bij:
- stappenplannen
- taken in kleinere stukken
- checklists
- visuele schema’s
- reminders om te starten
- duidelijke deadlines
Het werkgeheugen is kwetsbaar. Overzicht geeft rust en maakt taakstart makkelijker.
Hoofdstuk 6 – Een warme, duidelijke leerkracht
Kinderen met ADHD leren het best in een sfeer van veiligheid. Wat helpt:
- rustige communicatie
- duidelijke verwachtingen
- humor en warmte
- erkenning als iets moeilijk is
- grenzen die vriendelijk en consistent zijn
Kritiek werkt averechts; aanmoediging helpt om motivatie vast te houden.
Hoofdstuk 7 – Wat niet werkt in de klas
Er zijn aanpakken die de problemen juist vergroten:
- lange instructies
- straffen zonder uitleg
- taken geven zonder structuur
- constant corrigeren
- tijdsdruk
- vergelijken met klasgenoten
- opmerkingen als “doe nou eens normaal”
Deze versterken stress, frustratie en faalangst.
Over de auteur
Ina Terra helpt ouders van kinderen bij wie leren niet vanzelf gaat.
Ze vertaalt kennis over ontwikkeling, brein en leren naar heldere uitleg voor thuis — zonder kinderen te forceren of in hokjes te plaatsen.
